Schoolgids
De onderwijskundige kant
Omdat wij een Jenaplanschool zijn, is de manier van werken wat afwijkend van de gemiddelde school. U vindt hier in het kort beschreven wat u van onze werkwijze kunt verwachten.
De school is verdeeld over een aantal stamgroepen. Deze groepen bestaan steeds uit twee leerjaren, dus een combinatie van 1 /2, 3 /4, 5 /6 en 7 /8.
Binnen de kleuterbouw verloopt een dagprogramma anders dan bij de groepen 3 t/m 8. We beginnen ‘s morgens in de kring. Daar gebeurt van alles op het gebied van taal, uitleg van begrippen, catechese of muziek. Ook worden er verjaardagen gevierd. Soms vindt er ook de uitleg van het werk wat gemaakt gaat worden plaats. Daarna volgt dan ook deze werkles. Naar aanleiding van het project wat aan de orde is worden werkjes gemaakt. De opdrachten zijn op verschillende niveaus. Een aantal opdrachten is naar vrije keuze te doen, maar andere weer niet. Hiertoe wordt gewerkt met een planbord, waarop de kinderen kunnen zien welke opdrachten er voor die dag gedaan moeten worden. De weekopdrachten worden samen met de kinderen op het planbord aangegeven. Regelmatig krijgen de kinderen al te maken met een aanzet tot het zelfstandig in stilte werken: een bepaald symbool (bijvoorbeeld een zandloper) geeft aan dat er op dat moment niet gepraat of gelopen mag worden.
Omdat ook motoriek belangrijk is, wordt er ‘s morgens en ‘s middags bewegingsonderwijs gegeven: gym- en spellessen. Dit gebeurt zowel binnen in het speellokaal als buiten op de speelplaats. Hierbij worden verschillende klim- en kleutermaterialen gebruikt. Maar ook kleine materialen zoals pittenzakken, kleine balletjes, touwtjes of zandbakspulletjes.
In de middagperiode is er weer een werkles. Maar nu mogen de kinderen zelf bepalen met welke materialen zij willen spelen. Ook dit wordt aangegeven op het planbord.
In de groepen 3 t/m 8 vindt de uitleg van rekenen, taal, lezen of schrijven voornamelijk in de ochtendperiode plaats. De lessen worden gegeven in de jaargroep. Er wordt soms lesgegeven aan de gehele groep en soms aan kleine groepjes kinderen. Dit hangt af van de aan te bieden lesstof. De verwerking van de instructie vindt weer plaats in de stamgroep. I de middag is er ruimte voor wereldoriëntatie, het geheel van onderwerpen op het gebied van aardrijkskunde, geschiedenis, biologie, techniek, milieu-educatie, muziek, creativiteit ….
Wij werken dan met thema’s of projecten, waarin een aantal van bovengenoemde onderdelen als een samenhangend geheel wordt aangeboden. Deze projecten stellen wij meestal zelf samen. Wij gebruiken hiervoor dus geen methode.
Voor rekenen, lezen, taal en schrijven worden wel methodes gebruikt:
Voor rekenen is dat “ De Wereld in getallen”. Dit is een moderne methode, gebaseerd op realistisch rekenen. De kinderen leren door eerst te handelen (veelal met materiaal), dan te verwoorden wat er gebeurt (inzicht) en waar dit noodzakelijk is pas daarna het “ kunstje”.
De methode bevat voldoende mogelijkheden om voor sterkere of zwakkere rekenaars het programma aan te passen. Daarnaast hebben wij voor extra hulp de
leergang Maatwerk, en voor verdiepingsstof o.a. Somplex en Rekentoppers.
Bij het lezen gebruiken wij voor het aanvankelijk lezen en spellen een combinatie van “ Veilig leren lezen” en een methodische aanpak, die vanuit het speciaal onderwijs is ontwikkeld ter voorkoming van lees- en spellingproblemen. Wanneer u hier meer over wilt weten verwijzen wij u naar de leerkrachten van de onderbouw, of de jaarlijkse informatieavond.
Vanaf groep 4 werken wij voor technisch lezen met de methode “Lekker Lezen”. Voor begrijpend en studerend lezen gebruiken we de methode “Tekstverwerken”.
Voor het taalonderwijs gebruiken we de methode “Taal in Beeld en Spelling in Beeld. In deze methodes worden de diverse mondelinge en schriftelijke taalvaardigheden op een gevarieerde en aantrekkelijke manier aangeboden.
Tot en met groep 5 krijgen de kinderen heel gericht schrijfonderwijs aan de hand van de methode “ Schrijftaal”. Vanaf groep 6 is het schrijfonderwijs meer ingepast in de projecten.
Natuurlijk hebben wij in ons onderwijs ook de nodige aandacht voor het werken met computers. Alle groepen zijn voorzien van minstens twee computers. Daarnaast staan er op diverse plekken in de school nog een aantal computers voor algemeen gebruik. De kinderen krijgen allerlei opdrachten met de computer. Dit kan zijn: hoofdrekenen, topografie, spelling, lezen, tafels en dergelijke. Ook de kleuters hebben eigen, voor hen ontwikkelde programma’s.
Alle kinderen leren dus omgaan met de muis en het zelfstandig gebruiken van eenvoudige programma’s. Bij grotere kinderen komt daarbij: het kennismaken met het toetsenbord en het maken van eenvoudige teksten. In de bovenbouw
leren de kinderen omgaan met e-mail en het gericht opzoeken van informatie op Internet. Wij zien de computer dus als een moderne ondersteuning van ons onderwijs, en niet als een doel op zich. Via de computer kunnen de kinderen de leerstof op een speelse manier verwerken. Bovendien krijgt ieder precies op het aangepaste niveau de leerstof aangeboden. Daarnaast is de computer één van onze nieuwste vormen van communicatie en een onuitputtelijke bron van informatie. Het is dus vanzelfsprekend dat we kinderen daarmee leren om te gaan.
